Constant Nieuwenhuys

Constant Anton Nieuwenhuys (21 juli 1920, Amsterdam – 1 augustus 2005, Utrecht) was een Nederlands kunstschilder. Hij gebruikt in zijn werk het pseudoniem Constant.

Biografie

Op zestienjarige leeftijd schilderde Constant zijn eerste schilderij, de Emmausgangers. Zonder geld voor doek of verf, gebruikte hij daarvoor een jute suikerzak, en pigmenten die hij van een huisschilder had gekocht.

Contant ging van 1939 tot 1942 naar de Kunstnijverheidsschool en naar de Rijksacademie. Tussen 1920 en 1946 werkt Constant in Bergen.

In 1948 richtte hij de Experimentele Groep Holland op, samen met onder anderen Karel Appel, Corneille, zijn broer Jan Nieuwenhuys, Eugene Brands, Theo Wolvenkamp, Anton Rooskens.

Appel en Corneille hadden Constant opgezocht, omdat ze op zijn expositie in hem een stijlverwantschap voelden. Constant schreeft delen van het manifest van Cobra, waaronder de zin: "Een schilderij is niet een bouwsel van kleuren en lijnen, maar een dier, een nacht, een schreeuw, een mens, of dat alles tezamen". Deze zin drukt beeldend uit wat de leden van deze groep met hun kunst lieten zien. Contant pleitte in zijn artikelen voor een nieuwe maatschappij met moderne kunst. De belevingswereld van kinderen zag Constant als ideaal, omdat die spontaan hun gevoelens kunnen uiten, wat blijkt uit onderstaand citaat.

"Het kind kent geen andere wet dan zijn spontaan levensgevoel en heeft geen andere behoefte dan dit te uiten. Hetzelfde geldt voor de primitieve culturen, en het is deze eigenschap ook, die deze culturen een zo grote bekoring verleent voor de mens van heden die in een morbide sfeer van onechtheid, leugen en onvruchtbaarheid moet leven."

Constant had een atelier in een voormalige gymzaal op de Oostelijke Eilanden in Amsterdam. In zijn vrije tijd speelde hij klavecimbel.

Constant overleed in 2005 na een lang ziekbed.

Cobra

Constant was een van de medeoprichters van de Cobra-groep, waarbij naast leden van de Experimentele Groep Holland ook Asger Jorn en Christian Dotremont betrokken waren.

Constant wordt algemeen beschouwd als de theoreticus van deze groep. Vergeleken met het werk van Karel Appel, toont het werk van Constant meer maatschappijkritiek. Zijn werken hebben titels als "De oorlog" en "Verschroeide aarde". De bron voor deze werken ligt in een bezoek aan het naoorlogse Londen. In 1950 vestigde Constant zich in Parijs.

Terwijl Karel Appel en Corneille met hun werk internationaal doorbraken, bleef Constant de ideoloog. Hij behield zijn idealistische rechtlijnigheid en wilde geen economisch verhandelbare producten gaan maken. Dit is er wellicht de oorzaak van dat Constant een minder bekend lid van Cobra is geweest. In 1951 werd Cobra opgeheven.

Werken

Na de opheffing van Cobra in 1951 sluit Constant zich aan bij de Internationale Situationisten, waar ook Asger Jorn lid van was. Hij houdt zich vanaf dat moment bezig met architectuur. Samen met Aldo van Eyck ontwikkelt hij een theorie, het spatiaal colorisme, waarin vorm, kleur en architectuur samengaan.

Na lezing van het boek Homo ludens van Johan Huizinga ontwikkelt Constant het idee voor een utopische stad, New Babylon. New Babylon zou een plaats moeten zijn waar de mens is bevrijd van lichamelijke arbeid. De mens kan zich dan uitsluitend wijden aan het ontwikkelen van creatieve ideeën.

Constant maakte, met hulp van assistente, vele schaalmodellen, van plexiglas, ijzerdraad en hout. Deze modellen strekken zich uit over de kaart van Nederland. Het project omvat ook schilderijen, tekeningen, collages, litho's, teksten, lezingen en zelfs films. Constant zag dit New Babylon dan ook niet als een stad, maar als "het ontwerp van een nieuwe cultuur". Om het project te financieren verkocht Constant zijn collectie Cobra-schilderijen. Hij werkte bijna 20 jaar aan New Babylon.

Volgens de architect Rem Koolhaas heeft New Babylon veel architecten aan het denken gezet: "Hij was een voorbeeld van durf", aldus Koolhaas.

Schilderstijl

De werken van Constant Nieuwenhuys behoren tot de Moderne kunst met de schilderstijl Cobra.

Na de New Babylon periode begon Constant vanaf ongeveer 1966 weer te schilderen. Hij schilderde vanaf dat moment in een realistische stijl, waarbij hij de klassieke laag-over-laag (glacering) techniek gebruikte. Daarbij werd hij geïnspireerd door kunstenaars als Titiaan, Rubens, Delacroix en Cézanne.

Met deze techniek wordt een kleurendiepte bereikt die met een ala prima techniek niet mogelijk is. Deze tijdrovende techniek had tot gevolg dat Constant meestal niet meer dan 3 tot 4 doeken per jaar maakte. Maar ook met dit werk toonde Constant zijn maatschappelijk engagement, door de onderwerpskeuze ontleend aan de oorlogen in Vietnam, Afrika en Kosovo. Ook armoede, hongersnood en vluchtelingen hoorden tot zijn onderwerp.

Tentoonstellingen

In 1947 had Constant zijn eerste solo tentoonstelling.

Aan Constant waren onder andere de volgende solotentoonstellingen gewijd:

  • Stedelijk Museum Amsterdam 1978
  • Haags Gemeentemuseum 1980
  • Centraal Museum in Utrecht 1985
  • Documenta (Kassel) 2002
  • Haags Gemeentemuseum 2005

In 1966 vertegenwoordigt Constant Nederland met New Babylon op de Biennale van Venetië.

In 1999 wordt er een overzichtstentoonstelling van gegeven in New York. Later krijgt New Babylon een ereplaats op Documenta 2002 in Kassel.

Fontein

Rond 1969 werd het Kooiplein in Leiden versierd met een fontein, ontworpen door Constant Nieuwenhuys. Jarenlang werkte dit kunstwerk niet meer en raakte in verval. Bij de herinrichting van het plein in 1999 is ook de fontein onder handen genomen. Nieuwe apparatuur zorgt ervoor dat het winkelend publiek geen hinder meer ondervindt van het waterspel.